Tagarchief: School

Meten: Hoe hoog kan ik springen?

meten2Vandaag zijn we gestart met een nieuwe serie van het Proefjesproject. We stellen ons, juf Alice, meester Geert en de 12 meisjes en jongens, aan elkaar voor. Het thema van vandaag is: Meten.  Ik vraag meisjes en jongens om een kring te maken van groot naar klein. Dat gaat ze prima af.  Twee kinderen zijn ongeveer even groot. Daar pakken we een stok (bezem) bij om te kijken wie groter of kleiner. De kinderen worden op lengte verdeeld groepjes van 2 kinderen.

metenDe vraag van vandaag ontstond toen ik van het weekend op een bank zat onder een boom. Twee meisjes liepen op de boom af. Ze probeerden bladeren van de boom te plukken. Ze reikten heel hoog, maar ze konden er net niet bij. Beide meisjes sprongen zo hoog mogelijk op. Het ene meisje kon de bladeren nu wel plukken, maar het andere meisje lukte het niet. Ik vroeg mij daarbij af: “Hoe hoog kunnen kinderen opspringen en waarom springen sommige kinderen hoger dan andere kinderen?”

Ik vraag het aan de leerlingen. “Ik kan hoog springen“, zegt een lang meisje. “Kleine kinderen springen hoger” omdat… “ze lichter wegen“. “Als je veel sport kan je hoger springen“. Veel ideeën. We zullen het maar eens gaan uitzoeken.

2015-09-29 15.58.15-b2015-09-29 16.03.01-bEerst gaan de leerlingen een vragenlijst invullen met de vragen: Wat is je naam? Hoe oud ben je? wat zijn je sporten? Daarna wegen de ze zich. Om je eigen lengte te meten heb je de hulp nodig van een ander. Als iedereen klaar is willen de kinderen weten hoelang ik ben. Dat moet natuurlijk ook gemeten worden.

vingerafdrukkenNu moeten we proberen te meten hoe hoog je kan opspringen. Hoe doe je dat?  “Je kan springen en dan gauw meten.” of “Je spant een touwtje en dan kan kijk je of je hoger dan het touwtje springt. Dan maak je het touwtje hoger, net zolang je dat net zo hoog springt als het touwtje.”  Maar vandaag proberen we een andere methode. Er wordt een stuk papier op de muur gehangen. Maak je vinger vies met… “aarde” of “naaktslak” … met houtskool. Zet je vinger zo hoog mogelijk op het papier, maar blijf met je voeten op de vloer. Spring nu op en zet je vinger weer op het papier. Door het verschil tussen beide vingerafdrukken te op te meten vind je de spronghoogte. Het vies maken van je vinger(s) vinden de kinderen erg leuk. Sommige kinderen lijken wel lid van De bende van de zwarte hand.

zwartehandNadat iedereen zijn handen heeft gewassen gaan de meisjes en jongens weer in een kring staan. Nu op volgorde van spronghoogte. Dat is best moeilijk, je moet nu aan elkaar vragen hoe hoog je hebt gesprongen. De kring van kinderen loopt in lengte nu niet meer mooi op. Kleine en grote kinderen staan in deze rij flink door elkaar. Spronghoogte en lengte hebben dus weinig met elkaar te maken. Zou het iets te maken hebben met gewicht? Alle kinderen die minder wegen dan 25 kilo mogen gaan zitten. Aan het begin, in het midden en aan het eind van de rij gaan kinderen zitten. Ook gewicht lijkt niet veel met spronghoogte te maken te hebben.
Iedereen mag weer staan. Alle kinderen van 6 jaar gaan zitten. Daarna alle kinderen van 7 jaar zijn. Aan het eind van de rij blijft iedereen staan. Deze kinderen zijn allemaal 8 jaar, ze blijken ook allemaal het hoogst te springen. Als je ouder bent spring je dus ook hoger*. Hoe zou dat komen? “Ouder kinderen zijn misschien sterker“, “Ze hebben meer spieren?“. Ja, dat zou heel goed kunnen. Als je het zeker wilt weten, dan moeten dat nu verder uitgezocht worden.

* Bij de Zuidpool werd er geen sterke relatie gevonden tussen leeftijd en spronghoogte. Hier had  het een beetje met gewicht en leeftijd te maken.

De tijd is om. De kinderen ruimen op en ouders komen hun vrolijke kinderen ophalen.

Share Button